dinsdag 27 mei 2008

MARK MEEKERS: ORPHEUS IN DE HAVEN (4)

4. VOORSTELLING


A.
VERLOOP

B. MEDEWERKERS
ERWIN JO
OS, FINITA JANSSENS, HERMAN VAN PUYENBROECK


A. VERLOOP

De dichter brengt in zijn zestiende bundel hulde aan Eugeen Van Mieghem, schilder van het volk.Als beeldend kunstenaar (en stichter van de internationale groepen Lumen Numen en Fusion) leest hij met een schildersoog het werk van zijn collega, en tracht het als “meest bekroonde Nederlandstalige dichter” in 36 gedichten te vangen. Deze schitterende uitgave is rijkelijk geïllustreerd met pas ontdekte tekeningen uit een Nederlandse collectie.

De bundel werd in première voorgesteld in het Seaport Museum (New York) en nadien in het Eugeen Van Mieghem Museum (Antwerpen). De twee poëtische septemberwandelingen op het Eilandje, waar Van Mieghem leefde, met zicht op de Red Starline, waren eveneens een succes.


UITNODIGING

Het EUGEEN VAN MIEGHEM MUSEUM Scheldebuilding, Beatrijslaan 8
B- 2050 Antwerpen (Linkeroever) zijn deuren op

DONDERDAG 15 JUNI 2006 OM UUR

voor de nieuwe bundel van


MARK MEEKERS

ORPHEUS IN DE HAVEN

gedichten bij leven en werk van kunstschilder Eugeen Van Mieghem

(1875-1930)


PROGRAMMA

ERWIN JOOS (conservator, voorzitter van de Eugeen Van Mieghem Stichting) leidt de bundel in
GERDA DE PRETER
(auteur) bekijkt de bundel met literair vergrootglas
FINITA JANSSENS
(voordrachtkunstenares, Kunstacademie Maasmechelen) geeft de gedichten stem
HERMAN VAN PUYENBROECK
(Nationaal Orkest) evoceert fijne sferen op de cello
EUGEEN VAN MIEGHEM
kijkt vanuit de museumlijsten toe

RECEPTIE


B. MEDEWERKERS

ERWIN JOOS

Werd op 25 augustus 1954 in Antwerpen geboren. Hij deed zijn humaniorastudies aan het Sint-Jan Berchmanscollege in Antwerpen. Hij werd licentiaat Toegepaste Economische Wetenschappen en behaalde het postgraduaat Financiewezen (Katholieke Universiteit van Leuven). Hij is de oprichter en de voorzitter van de Eugeen Van Mieghem Stichting.
Hij is consultant vermogensbeheer en conservator van het Eugeen Van Mieghem Museum.

Hij publiceerde dertien themabundels over de kunstenaar. Hij is de auteur van het eerste (1993) en het tweede (1996) kunstboek “Een Kunstenaar van het Volk”.
Hij organiseerde talrijke succesvolle retrospectieve tentoonstellingen.
In New York liep tot 29 oktober de tentoonstelling
“Antwerp = America” rond Eugeen Van Mieghem en de emigranten van de RSL. Ze trok meer dan 200.000 bezoekers.
Waarschijnlijk in 2008/2009 volgt in Canada de expositie
“Portraits of women.” “Portraits de femmes” loopt tot 21 januari 2007 in het Institut néerlandais in Parijs.
In het Rembrandthuis in Amsterdam volgt van 2 juni tot 28 augustus 2007 de tentoonstelling
“Rembrandt en Van Mieghem”.
En, last but bot least, de tentoonstelling “Met één voet in Amerika” in het Van Mieghemmuseum zelf, werd verlengd en kunt u nog gaan bezoeken tot 28 januari 2007.

Erwin Joos, Eugeen Van Mieghem 1875-1930, Een kunstenaar van het volk, Drukkerij de Brauwere NV, Wilrijk België, uitgave Van Mieghem Museum, Antwerpen 2001, 304 p., 853 illustraties. D/2001/6717/04 en ISBN 90-801497-5-6

*

FINITA JANSSENS

Behaalde haar Eerste prijs voordracht aan het Koninklijk Conservatorium te Antwerpen. Sedert 1970 is zij tot op heden docente in de afdeling Woord verbonden aan de Kunstacademie in de provincie Limburg. Ze is docente Literaire creatie aan de Gemeentelijke Muziekacademie Maasmechelen.
Ze werkte in verschillende academies en als performer van tentoonstellingen, o.m. rond de moderne kunstperiode 1895-1990, waarvoor zij een essayistische catalogus schreef:
"Perestroik' art- Polyloog". (“Perestroik'art polylogue, Projet d'art peinture russe contemporain (1985-1990). Ze behaalde aan de Universitaire Instelling Antwerpen (UIA) het postuniversitair getuigschrift voor de scriptie "Vrouw en kunst" in het kader van de opleiding "Vrouw en Samenleving". Via een Erasmusbeurs volgde zij nadien aan de Rijksuniversiteit te Utrecht de cursus "Een nieuwe visie feministische filmtheorie".
Ze regisseerde in samenwerking met professionele podiumartiesten, leerlingen en oud-leerlingen diverse poëzie-avonden onder de naam
"Telepoëtica": Een nieuwe lente, een nieuw geluid, het totaalspektakel: “Paul Van Ostaijen en het expressionisme”, “Persona Pessoa”. Ze creëerde een gedramatiseerde "Mascarada" in barokstijl en een artistieke act in relatie met poëzie en architectuur: "Dûr, dûr, d'être Fafa".
Ze werkte een workshop "literaire creatie" uit met mentaal gehandicapte volwassenen. Sedert enkele jaren is ze lid van het VOM (Vrouwenoverleg Maasmechelen) en organiseerde met deze vereniging voor het najaar 2002 een tentoonstellingsproject rond
"Beelden van vrouwelijkheid" : Eva, Venus, Alma, Madonna... Samen met de fluitist Leta Sohder vertolkte ze reeds op briljante wijze de gedichten uit Mark Meekers’ bundel “Paradijskoorts” (2002).

*

HERMAN VAN PUYENBROECK

Was succesvol bassist in de Opera van Antwerpen en in het Nationaal Orkest van België. Zijn grote liefde is echter zijn antieke cello waarmee hij zijn romantische ziel uitleeft.

*

GERDA DE PRETER

Gerda De Preter (° Heist-op-den-Berg, 1958) studeerde Germaanse filologie aan de KU Leuven en is lerares Nederlands en Engels. Ze is lid van het Vlaams-Brabantse dichterscollectief Mengmettaal en schrijft gedichten voor volwassenen. Ze debuteerde in 1999 bij Querido als kinderboekenschrijfster met “De Schommel” . In haar poëzie neemt de symboliek van het woord en de taal een opvallende plaats in. De schommel is een subtiel en suggestief verhaal over kindermishandeling. De stijl is sober en eenvoudig, maar tegelijk beheerst en gevoelig.

In “Een Koffertje voor Opa” (Querido 2001) zit er heel wat poëzie en ontroering. Het boekje viel meteen op door een verfrissende en tegelijk zeer overwogen taal en stijl.Het is een verhaal over het verlies van een opa. De scène waarin Arne niet-begrijpend en verontwaardigd opa's koffer pakt voor de lang aangekondigde reis naar de zon is overtuigend en pakkend uitgewerkt. In 2005 verscheen “Spookpijn”.

In 2003 durfde zij het aan om bij Uitgeverij -P haar eerste bundelpoëzie te publiceren, gesterkt door een palmares van bekroningen bij poëziewedstrijden en als jeugdschrijfster. Haar gedichten werden bekroond in tal van poëziewedstrijden (Keerbergen, Hulshout, Hasselt, Tongeren, Genk, Ieper, Leuven, Amsterdam).
Haar gedichten en kortverhalen verschenen in diverse tijdschriften o.a. Letters, Wel, Deus ex machina, Appel. Ze werden opgenomen in meerdere verzamelbundels.

Een talent als dat van Gerda De Preter mocht niet verborgen blijven. Zij bewandelt in haar poëzie de moeilijke tussenweg tussen verhaal en verdichting. Dat maakt haar werk zo boeiend. Toch lezen haar gedichten niet al te vlot. Je moet ze vaak herlezen zo worden het kleine drama’s, die je allengs meer aangrijpen. Het hoofdthema van haar poëzie is het verlies en het bestrijden van dit verlies met de taal. Ook de schrijversact zelf, de menselijke relaties en de beeldende kunst zijn geregeld terugkerende onderwerpen. Zo liggen thema’s als (Orpheus en) Eurydice, de Schreeuw van Edvard Munch, à la recherche du temps perdu, herfst en winter, requiem en uitvaart in de bundel verankerd.


Geen opmerkingen: